Blog van een casemanager dementie: Parkeren met voorbedachten rade

09-01-2018

Als casemanager kom je nog eens ergens. In de loop der jaren heb ik heel wat leuke stulpjes bezocht. Van monumentale boerderijen tot sociale huurwoningen en alles daartussen.

Zo kom ik met regelmaat bij echtpaar A. Zij wonen in een prachtig vrijstaand huis, fiets- en wandelroutes om de hoek en toch centraal gelegen.

Meestal kom ik als meneer zijn wekelijkse sportochtend heeft. Dan kan mevrouw vrijuit spreken over het leven met haar man met de ziekte van Alzheimer.

Na ongeveer een uurtje zijn we uitgesproken en dat is het moment dat meneer van het sporten terugkomt. Handig, want dan kan ik hem ook nog even zien en spreken.

Omdat meneer niet meer mag autorijden hebben zij de auto verkocht, met een lege oprit als gevolg. Een perfect plekje voor mijn auto dacht ik zo!

Verkeerd gedacht! Meneer moest wat moeite doen om met zijn fiets langs mijn auto te manoeuvreren, om bij de garage te komen. Moe van het sporten, sporttas aan zijn stuur, het was allemaal erg onhandig.

Al mopperend stond hij voor mijn neus en schudde wij elkaar de handen.

Balen, want nu stond ik 1-0 achter en dat is geen fijn uitgangspunt voor een gesprek.

Ik was vastberaden om dat de volgende keer anders te doen.

 

Na zes weken stond de afspraak met echtpaar A wederom in mijn agenda. Mevrouw en ik kozen opnieuw voor een gesprek onder vier ogen.

Toen ik de straat inreed zag ik een ruime berm bij een braakliggend terrein.

Uit het zicht van het huis van echtpaar A, een perfect plaatsje voor mijn grote zwarte auto.

Zo, klaar voor het gesprek.

 

Toen ik binnen kwam zat meneer rustig in zijn stoel. Hij ging niet sporten want het miezerde een beetje.

Geen probleem, meneer schoof gewoon aan bij het gesprek.

We waren eigenlijk net de koetjes en kalfjesfase voorbij toen de buurman binnenkwam. Of die grote zwarte auto in de berm van mij was. En dat hij aanraadde om hem te verplaatsen want daar geldt een parkeerverbod en er wordt regelmatig gecontroleerd.

Binnen enkele minuten had ik de auto naar de oprit verplaatst.

Meneer A. vond het maar dom van mij. Hoe kwam ik er op het onzalige idee om de auto daar te parkeren terwijl zijn hele oprit leeg was?

Weer 1-0 achter! De volgende keer neem ik geen enkel risico meer, ik ga op de fiets!

Terug naar overzicht